Het wereldwijde magazine en verkoopplatform voor liefhebbers van klassieke auto’s, door liefhebbers.
Het wereldwijde magazine en verkoopplatform voor liefhebbers van klassieke auto’s, door liefhebbers.
Dit is wat wij een echte scoop noemen! Al meer dan een eeuw is de wereld gefascineerd door het bestek, de juwelen en de porseleinen badkuipen van de RMS Titanic. Geduldig wachtte echter een van de meest opmerkelijke artefacten van het schip op zijn moment: de Renault 25hp CB Coupe de Ville die samen met de Titanic zonk tijdens die noodlottige aprilmacht in 1912. De auto – of wat ervan over is – werd op donderdag 4 maart geborgen en zal op 21 mei voor het publiek te zien zijn tijdens de tentoonstelling ‘Titanic: The Artifact Exhibition’ in Cleveland, Ohio.
De Renault werd in een discrete operatie omhooggehaald vanaf een diepte van 3.800 meter, na meer dan twee jaar voorbereiding. Diepzee-specialisten van het Franse IFREMER (Institut Français de Recherche pour l’Exploitation de la Mer) werkten daarbij nauw samen met NOAA Ocean Exploration, het Great Lakes Science Center en de Titanic Historical Society in de Verenigde Staten. De financiering van het project werd verzorgd door Bank of America en Renault zelf.
De auto was eigendom van de Amerikaanse miljonair William E. Carter, die samen met zijn vrouw Lucile, hun kinderen en bedienden reisde. Carters chauffeur, Augustus Aldworth, was eveneens aan boord, zij het in de tweede klasse. Hoewel de familie Carter de ramp overleefde, zonk de Renault samen met het schip, evenals Carters polopony’s. De 25hp Coupe de Ville is de enige auto waarvan is bevestigd dat hij officieel aan boord van de Titanic werd vervoerd. Hij stond vermeld op de vrachtlijst van het schip en was verzekerd voor 5.000 dollar bij Lloyd’s of London. Ondanks zijn bekendheid bleef de exacte locatie van het voertuig aan boord decennialang onbekend, bij gebrek aan sluitend bewijs – tot nu.
Onderzoek door het Frans-Amerikaanse team heeft bevestigd dat de Coupe de Ville was opgeslagen in het voorste vrachtruim. Van de Titanic is bekend dat, afgezien van de achtersteven en grote delen van de romp die zijn ingestort, de boeg relatief intact is gebleven. Toch was de auto zelf nooit overtuigend geïdentificeerd. IFREMER-woordvoerder Nicolas Lavant bevestigde de berging aan Prewarcar.com. Volgens Lavant slaagde het diepzeeteam erin de legendarische Renault in slechts twee pogingen te lichten, met behulp van een lichtgewicht bergingsframe. ‘Bepaalde onderdelen verkeren in opmerkelijk goede staat, zeker als je bedenkt dat deze Renault bijna 114 jaar op de bodem van de Noord-Atlantische Oceaan heeft gelegen’, aldus Lavant. ‘We konden zelfs enkele carrosseriedelen identificeren, al zijn die wel sterk aangetast.’ Naar verluidt zijn het chassis, het motorblok en de assen nog intact. ‘Het meest opmerkelijk is echter het messingwerk, dat zich nog in relatief goede conditie bevindt’, voegde hij daaraan toe.
Er zijn vooralsnog geen foto’s vrijgegeven, aangezien de betrokken instellingen een groots onthaal plannen op 21 mei in het Great Lakes Science Center in Cleveland. Nadere informatie en tickets zijn hier verkrijgbaar. Na afloop van de tentoonstelling worden de resten van de auto overgebracht naar het Renault Heritage Centre nabij Parijs, waar zij in elk geval tot eind 2026 te zien zullen blijven.
Tekst: Jeroen Booij
1 april!
Sorry jongens en meisjes, soms is iets gewoon te mooi om waar te zijn! De meesten hadden goed op de kalender gekeken, maar voor wie dat niet deed: het is 1 april. En zoals altijd kwam Jeroen met een fantastisch verhaal dat bijna waar had kunnen zijn.
Hopelijk hebben jullie ervan genoten!