Het wereldwijde magazine en verkoopplatform voor liefhebbers van klassieke auto’s, door liefhebbers.
Het wereldwijde magazine en verkoopplatform voor liefhebbers van klassieke auto’s, door liefhebbers.
De wereld heeft hij gezien – en de meeste oldtimerrijders hebben hém gezien. René Verbiest, de altijd goedlachse Belg, trekt regelmatig samen met zijn charmante vrouw Carina de wereld over om rally’s te rijden. ‘Komende week zijn we weer weg,’ vertelt hij, ‘op de grens tussen Frankrijk en Spanje. Dat wordt de 32e rit van dit jaar.’ Zelf ken ik René al jaren; we komen hem overal tegen: in Frankrijk, België, Engeland en zelfs China. René is erbij. Altijd in voor een praatje en bij voorkeur met een goed glas wijn – want anders begint hij er niet aan.
Maar over zijn verleden wist ik eigenlijk weinig. Daarom reed ik op een grijze donderdagochtend in november naar een industrieterrein nabij Brussel om met René te lunchen.
Voor de glazen pui staan een tiental importauto’s opgesteld; daarachter wordt het kleurrijker. We herkennen meteen enkele wagens, want René wil zijn collectie laten krimpen en heeft er recent een aantal te koop aangeboden. Binnen valt direct op hoe de muren zijn bedekt met posters van evenementen, terwijl talloze awards en stickers tonen waar hij allemaal geweest is. René leidt ons rond langs zijn auto’s: van veterans tot zijn geliefde Hotchkiss, en zelfs een moderne Aston Martin staat keurig opgesteld. Hij kocht altijd alleen wat hij zelf leuk vond – en vooral: wat rijdt. Anders komt het er niet in.
René begon op zijn 17e te werken in een cafetaria. Al snel besefte hij: dit kan ik zelf ook. En dus startte hij op zijn 18e een hamburger- en hotdogkraam op kermisterreinen. ‘Ik heb zoveel zuurkool gemaakt,’ lacht hij, ‘terwijl ik het zelf nooit gelust heb. Maar altijd de beste kwaliteit – met het beste krijg je nooit miserie.’ De zaken liepen goed en hij kreeg steeds meer standplaatsen. Tot een kennis hem vroeg of hij de boel niet wilde verkopen. René was 27 en besloot ervoor te gaan.
Niet veel later vroeg een vriend hem een auto voor hem te kopen: een Mustang. René vloog naar Amerika om er een te zoeken. Hij zag meteen kansen en begon ook Europese auto’s naar de States te verkopen. Later draaide de markt en bracht hij juist Amerikaanse wagens van Texas naar België. ‘Ik plaatste in België één advertentie voor een Impala. Die was zo verkocht, maar mensen bleven bellen. Uiteindelijk verkocht ik via die ene advertentie al mijn vier auto's.’ Het waren gouden tijden: de vraag naar grote Amerikaanse auto’s was in België enorm.
Rond zijn 32e vloog hij elke maand een week naar de Verenigde Staten om auto’s in te kopen. Jaren achter elkaar. Eerst Corvettes, maar toen de concurrentie toenam, stapte hij over naar Cadillacs. Op een beurs in Hasselt kwam een man langs die één Cadillac kocht… en een paar minuten later meteen een tweede, derde en vierde – uiteindelijk nam hij alle vijf auto’s die René bij zich had. René kocht enkel wat hij zelf mooi vond. Dat heeft hem zakelijk misschien beperkt, denkt hij achteraf, maar spijt heeft hij niet.
Hij woonde destijds in een gewoon appartement in een woonwijk. Hij huurde alle negen parkeerplaatsen van het gebouw én nam ook de omliggende plekken in. Dat gaf problemen, dus schakelde hij over op een terrein waar hij 35 auto’s kwijt kon. Dat stond al snel ook vol. Het waren mooie jaren.
Later ging René meer de moderne handel in, vooral Toyota Land Cruisers en vergelijkbare wagens. Het was dag en nacht werken; de oldtimers werden pure hobby. Doordeweeks werken, in het weekend ritjes rijden. Hoe hij dat heeft volgehouden, weet hij zelf niet meer.
Tegenwoordig richt René zich op de homologatie van auto’s: oldtimers en moderne wagens die in België op kenteken gezet moeten worden. De oldtimers thuis zijn zijn privécollectie. Hij wil er enkele verkopen, maar één van de Hotchkisses nooit. ‘Het is niet de meest waardevolle, maar we hebben er zóveel mooie herinneringen aan: Koeweit, Beijing, Shanghai… overal zijn we met die wagen geweest.’
De anekdotes vliegen over tafel; verhalen over rally’s, goede wijn, lekker eten en bijzondere ontmoetingen. Tot de mosselen worden geserveerd – dan valt René even stil. Maar zodra de tweede fles wijn verschijnt, gaan de verhalen onverminderd door.
Woorden en foto's: Laurens Klein
Dirk