Filter

De Somerset Hoard: zeven auto’s, meer dan tachtig jaar stilte

‘U verkoopt toch oude auto’s? Ik heb er een paar die ik graag wil verkopen. Ze waren van mijn grootvader en hebben sinds de jaren dertig niet meer gereden.’ Het zijn de woorden die iedere liefhebber ooit hoopt te horen. Bij voorkeur gevolgd door een uitnodiging om eens te komen kijken. Meestal blijft het bij een droom. Maar heel soms gaat ergens een schuurdeur open en blijkt de werkelijkheid minstens zo bijzonder.

Dat is precies het gevoel dat de Somerset Hoard oproept. De bewuste woorden werden ingefluisterd bij een bekende autohandelaar en drie uur later opende hij de deur naar zeven vroege automobielen die in Somerset tevoorschijn zijn gekomen na ruim tachtig jaar stilstand. Wellicht heeft u de advertenties al gezien; zo niet, dan vindt u hieronder de links. Op 30 oktober worden de auto’s door Bonhams in Londen geveild. Of dit de schuurvondst van het decennium is, valt te betwisten. Voor iedereen met belangstelling voor de pioniersjaren van de automobiel is het in ieder geval een ontdekking die een nadere blik verdient.

 

Een deel van de aantrekkingskracht schuilt in de geschiedenis van de verzameling zelf. De auto’s werden in de jaren dertig bijeengebracht en bleven vervolgens bij opeenvolgende generaties van de familie Spiers. Volgens onze bron zijn ze sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog niet meer gebruikt. Toen ze werden weggezet, waren het al oude auto’s; inmiddels hebben ze het grootste deel van hun bestaan in afzondering doorgebracht.

Dat geeft deze ontdekking een extra dimensie. Iemand zag kennelijk al iets wat het bewaren waard was in deze machines, in een tijd waarin het grootste deel van de wereld vooral vooruitkeek. Wat was de bedoeling? Ermee rijden, ze restaureren of ze eenvoudigweg veiligstellen? De auto’s hebben het overleefd, maar er valt nog veel te ontdekken.

 

Neem de Progress 9hp van omstreeks 1902. Alleen al de merknaam zal veel lezers naar hun naslagwerken doen grijpen. Deze kortstondig actieve fabrikant uit Coventry gebruikte onder meer motoren van De Dion-Bouton, zoals ook in deze tweezitter. Op de wieldoppen staat nog altijd de naam Progress, maar een fabrieksplaatje is niet gevonden en zelfs het ingeslagen nummer laat ruimte voor interpretatie. Voor iedereen die net zo graag onderzoek doet als aan sleutels draait, begint het avontuur dus al voordat de eerste moer is losgemaakt. De richtprijs bedraagt £35.000–45.000.

 

De Swift 6hp van omstreeks 1903 biedt een andere verzameling intrigerende details. Hij beschikt over een afneembare achterste knechtenzitplaats, een carrosserie van Hollick & Pratt en een De Dion-Bouton-motor die van achteren wordt aangeslingerd. De slinger loopt daarbij door het achterashuis, waarin ook de tandwielen van de transmissie zijn ondergebracht. Alleen die constructie verdient al een grondige bestudering. Ze stamt uit een periode waarin fabrikanten nog volop experimenteerden met de fundamentele vraag hoe een automobiel eigenlijk moest worden opgebouwd. Ook voor de Swift bedraagt de richtprijs £35.000–45.000.

Tussen de benzineauto’s staat een Amerikaan die zijn werk zonder uitlaatgeluid verrichtte: de Baker Electric van omstreeks 1903. Deze tweezits runabout werd voor de Britse markt gebouwd, met de stuurhendel en bedieningshendel rechts. Zelfs de elektrische bel onder de voetenplank is behouden gebleven. De registratiedocumenten uit Somerset maken een deel van zijn omzwervingen inzichtelijk: van de omgeving van Bristol naar Schotland en uiteindelijk weer naar het zuiden. Het is een kleine auto met een verrassend omvangrijk verhaal, en een herinnering aan de gevestigde positie die elektrische aandrijving al in de vroege automobielwereld innam. De richtprijs bedraagt £35.000–45.000.

 

De Darracq 12hp tweecilinder van omstreeks 1903, met een vierzits Rear Entrance Tonneau-carrosserie, voert de groep aan met een richtprijs van £55.000–75.000. Daarnaast staan een Rover 8hp van omstreeks 1905 (£25.000–35.000) en een Humber 8/10hp uit ongeveer dezelfde periode (£20.000–30.000). Het jongste lid van het gezelschap is een Belsize 10/12hp uit 1913, met een richtprijs van £10.000–15.000. Zeven auto’s met duidelijk uiteenlopende karakters, verbonden door hun langdurige gezamenlijke afzondering van de buitenwereld.

 

Achter alle romantiek schuilt uiteraard ook een praktische realiteit. Bonhams omschrijft de auto’s als restauratieprojecten en hun mechanische staat is onbekend. Niemand moet verwachten de banden op te kunnen pompen en ermee naar huis te rijden. De nieuwe eigenaren zullen onderzoek moeten doen, de toestand moeten beoordelen en zorgvuldig moeten beslissen wat behouden kan blijven en wat hersteld moet worden. Bij auto’s die zo lang zijn opgeslagen, is dat wellicht de boeiendste uitdaging van allemaal: ze weer bruikbaar maken en tegelijkertijd de bewaard gebleven sporen van hun geschiedenis respecteren.

De veiling vindt plaats aan New Bond Street, twee dagen voordat de deelnemers aan de London to Brighton Veteran Car Run richting de kust vertrekken. Voor de Somerset Hoard komt die rit nog te vroeg. Maar wellicht staat over enkele jaren een van deze auto’s aan de start, terwijl de eigenaar zich nog altijd de catalogusfoto herinnert die ooit zijn aandacht trok.

Na meer dan tachtig jaar stilte zou het geluid van een opnieuw draaiende motor een prachtig volgend hoofdstuk vormen.

 

Tekst: Laurens Klein

 

Gepubliceerd:
dinsdag oktober 20th, 2026

Plaats een reactie, stel een vraag, geef uw mening, deel aanvullende informatie of start een discussie door de onderstaande velden in te vullen


Login om uw reactie direct te plaatsen

Afbeeldingen toevoegen aan uw reactie